Man doet de was

wernerblog

Daar gaat mijn hart. Ik ben op zolder en wat doorgaans zo’n rustgevende activiteit is, bezorgt me dit keer hartkloppingen. Dat komt door een wit truitje. Ik haal het van het wasrek en werp het op het stapeltje droge kleding. Meteen gooi ik er een spijkerbroek bovenop. Zo. Opgelost.

Bontgekleurd
Terwijl ik voel welke kledingstukken nog meer droog zijn, word ik langzaam rustig. Hups, weer een tweetal wasknijpers in het bakje met bontgekleurde soortgenoten. Er bestaan mensen die zich opwinden wanneer de kleur van de wasknijpers niet overeenkomt met het wasgoed. Daar lach ik om.

Ondertussen vraagt een spierwit mouwtje dat onder een stapel was uitpiept om aandacht. Het truitje lijkt me te groot voor mijn dochter, maar het is zeker te klein voor mijn vrouw. Het is voor de allereerste keer gewassen, maar ik kan me niet herinneren dat ik het in de trommel stopte. Mijn vrouw zal het gewassen hebben. Ja, dat is het. Dat lucht me op. Ik zucht erbij want daardoor voelt het nog net wat lekkerder.

Wasvoorschriften
Nee, ik houd mezelf gewoon voor de gek. Natuurlijk heb ik dat truitje zelf gewassen. Mijn vrouw kijkt niet om naar onze wasmanden. Dat is mijn taak in het huishouden. Ik pik ook altijd heel consequent de nieuwe kledingstukken er tussenuit. Hoe dat witte truitje er doorheen is geglipt kan ik niet verklaren. Bij de eerste wasbeurt bekijk ik altijd de wasvoorschriften.

Het labeltje! Natuurlijk. Ik kan kijken waartegen dat witte truitje bestand is. Dan heb ik zekerheid. Niet dat ik meteen ga kijken. Ik wil het nog niet weten. Nu kan ik mijn paniekreactie nog beteugelen. Als de feiten tegen me zijn, kan ik alleen nog troost halen uit de mogelijkheid dat het misschien een heel goedkoop truitje was.

Tien graden
Uiteindelijk verlies ik mijn geduld. Ik kan mijn lot toch niet ontlopen. Ik lees de wasvoorschriften. Er staat dertig graden. Oeps. Ach, veertig graden, dat zijn er maar tien meer en wat is nou tien graden? Tien graden is echt niet warm.

Ik stop het truitje weer terug tussen de andere kledingstukken en draag de stapel naar beneden. Daar begin ik met vouwen. Mijn vrouw is druk bezig met onze administratie. Dat is haar taak in ons huishouden. Gelukkig maar. Als ik het zou doen, zouden we veel meer geld kwijtraken dan de kosten van zo’n truitje.

Schat, ik moet je iets vertellen
Als ik bijna bij het truitje ben, adem ik diep in en dan vraag ik het maar: ‘Schat, ik moet je iets vertellen over je nieuwe witte truitje. Iets heel ergs.’ Ik houd mijn adem in. Nu moet ik het gaan zeggen. Wat krijg ik het te verduren als blijkt dat ik haar mooie truitje heb verpest.

Mijn vrouw kijkt op van onze administratie. Ze kijkt verdwaasd naar het truitje dat ik omhooghoud. ‘Wat bedoel je? Dat is een truitje van Myrthe.’

CC foto: clarissa pearce

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.