Mag ik me nu schrijver noemen?

Eén van mijn eerste vriendinnetjes vond het erg interessant dat ik verhalen schreef. Zij was er niet van op de hoogte dat één op de vijfentwintig Nederlanders schrijft en dat 293.326 landgenoten (bron: http://www.lernert.nl/uitgevers.html), veelal tevergeefs, op zoek zijn naar een uitgever. Zij schrijven over de avonturen van hun poedel; of over hoe je een depressie kunt overleven; over hun vergeefse zoektocht naar het ware geluk en natuurlijk zijn er legio manuscripten die verhalen over de betrokkenheid van de overheid bij [vul complottheorie hier in].

Van hetzelfde vriendinnetje mocht ik mijzelf niet een schrijver noemen. Schrijver was je volgens haar pas als een uitgever iets van je publiceert. Maar wat is het feit: Uitgeverij Podium van de erudiete uitgever Joost Nijsen heeft een Six Word Story van mij gepubliceerd in het boekje ‘Het beste van Nightwriters 2’. Ik wist het niet eens totdat ik Kluun himself iets hoorde voorlezen dat ik herkende als mijn eigen werk. Het woord ‘plagiaat’ vormde zich al in mijn mond, totdat mijn naam werd vernoemd. Die staat ook in het boekje. Dus eigenlijk staan er negen woorden van mij.

Natuurlijk ben ik trots als een pauw met gouden veren, maar ik heb het boekje niet op de salontafel liggen, waar het door elke huisgast die koffie krijgt voorgeschoteld ingezien kan worden. Wil ik mijn schoonmoeder eigenlijk wel confronteren met mijn winnende zin? Ik twijfel of het goede carrièreplanning is om te starten met een ultrakort verhaal, waarvan de strekking vrij dubieus is. Ik zit niet te wachten op ellenlange discussies over de mogelijke motieven die ik had toen ik het schreef. Nog erger: straks vragen ze me nog of het autobiografisch is.

‘Ze fluisterde: kannibalen slikken alles door.’

Dat was ‘m al.

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.