Carnaval voor beginners

Lang geleden, toen we in het Wringersgat nog carnaval konden vieren in d’n Wringer (voor niet ingewijden: de sporthal voordat D’n Butter er kwam), nodigde ik twee jongedames uit het noorden uit om mee te komen carnavallen. Ze hadden mij gevraagd wat het allemaal inhield, maar ik kreeg het onmogelijk uitgelegd: zoiets moet je gewoon ervaren.

Ik had ze simpele instructies gegeven: regel een carnavalskostuum en maak je om de rest geen zorgen. Ze droegen hun gewone kleding toen ze arriveerden, maar hadden gelukkig wel pakjes bij zich; ze durfden er alleen niet mee over straat. Het omkleden duurde een eeuwigheid. Toen ze zich presenteerden, bleek al meteen dat ze inderdaad niet wisten wat carnaval was: ze hadden hun best gedaan om er zo aantrekkelijk mogelijk uit te zien. Ze droegen stoute politiepakjes en zagen er bijna precies uit als het sexy modelletje dat op de verpakking prijkte. Ik probeerde ze nog een foute pruik aan te smeren, maar nee: het haar zat perfect in de krul, dus liever niet.

We gingen op pad en ik weet niet wat ze zich vooraf hadden voorgesteld bij de feestlocatie, maar bij de eerste aanblik van het geheel, reageerden ze niet echt enthousiast. Ze schrokken een beetje van al die aangeschoten, lallende dorpsmensen in belachelijke kostuums en schuifelden er tussendoor alsof ze bang waren ineens vastgegrepen te worden door de holbewoner met een knuppel links, of de Arabische sjeik rechts. Om van de eerste schrik te bekomen werden er gelijk maar drankjes besteld. Maar geen bier. Dat vonden ze vies. Wijn moest het zijn.

Daar stonden ze, op veel te hoge hakken met hun glaasjes wijn en wat niet uit kon blijven gebeurde: toen de massa wat gezelliger werd, lagen ze ineens omver. De wijn gutste de decolletés in en ik dacht: nu is het klaar, deze tutjes kan ik op de trein naar huis gaan zetten. Maar toen gebeurde het: de dames werden opstandig. Om staande te blijven tussen de hossende menigte gingen ze wat wijdbeenser staan. Er werd nieuwe wijn gehaald en meteen een dubbele shot, om goed te maken dat die eerste nu uit hun navels droop. Omdat ze die carnavalsmuziek maar onzinnig vonden, begonnen ze er raar op te dansen en dat sloeg aan.

Aan het eind van de avond kreeg ik ze met moeite mee. De complete tocht liepen ze zo dicht mogelijk langs schuttingen en muren om zichzelf overeind te houden. Onderweg waren we er nog eentje kwijt: die zat tussen de geparkeerde auto’s een plasje te doen. Terug thuis gaven we ze voor de zekerheid emmers mee naar de logeerkamer. De dag erna kwamen ze pas rond elven uit bed. De mooie krullen waren klitten geworden en wat de dag ervoor een gezonde blos was, zag er nu verbleekt en klam uit. Wat waren ze ziek. Ze hadden het echt heel leuk gehad, maar wat waren ze blij dat het nu weer voorbij was.

‘Voorbij?’ reageerde ik geamuseerd. ‘Zo gaan we hier gewoon nog een paar dagen door hoor.’

En toen zag ik het in hun ogen: dat carnaval begon ze eindelijk te dagen.

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.